Paasbrood en matsetaart

Dubbel feest vandaag! Hidde en Jigal maken samen een paasbrood én een matsetaart!

Paasbrood

Ingrediënten
280 g bloem
5 g gedroogde gist
30 g boter
2 medium eieren
6 eieren, medium of Large naar eigen smaak 
125 ml (volle) melk, van ongeveer 20-25 graden
5 g zout
5 g suiker

Benodigdheden
aluminium folie
punaise
stukje karton

Bereiding

Kneed een soepel deeg met de bloem, het gist, de boter, één ei, melk, zout en suiker.  Dit kan ook met de machine, dat duurt ongeveer 20 minuten. Het ei, de suiker en boter zorgen voor een rijk deeg. Laat het deeg ongeveer een uur rijzen tot het verdubbeld is in omvang.

Verdeel je deeg in tweeën. Verdeel beide degen in zes stukken. Dek het brood steeds goed af met een stuk plastic of een theedoek. anders gaat het erg uitdrogen en wordt het verwerken een stuk moeilijker.

Rol van ieder bolletje een lange rol van ongeveer 30 cm. Dat zijn 6 x 2 rolletjes in totaal. Het rollen vond ik het handigst gaan als je het werkblad licht insmeert met olie. Bewaar de rollen steeds afgedekt.

Om het broodje te maken pak je 2 rollen. Draai de rollen met beiden handen een ander richting op. Draai de uiteinden naar elkaar toe, knijp het samen en verstop het naar beneden aan de achterkant.

Prik met een punaise in ieder van de 6 eieren een gat op de brede kant van het ei. Dit gaat het handigst als je een punaise op een stukje karton doet. Dan glijdt de punaise niet weg.

Leg de broodjes op een bakplaat en doe het ei in het midden. Het broodje gaat nu om het ei rijzen. Dit duurt een klein uurtje. Ik dekte de broodjes af met plastic dat ingesmeerd is met wat olie. Dit voorkomt dat het brood aan het plastic gaat plakken.

Verwarm de oven voor op 240 graden. Kluts het eigeel met een theelepel water en smeer de broodjes hiermee in. Bak de broodjes 8-10 minuten in de oven.

 

Matsetaart met pure en witte chocolademousse

Ingrediënten
300 g pure chocolade, circa 50% cacao
5 ronde matses, 20 cm doorsnee
200 g witte chocolade
500 ml slagroom
1 eetl. poedersuiker
klontje boter
cognac

Benodigdheden
springvorm (20 cm)

Bereiding
Smelt 100 gram pure chocolade au bain-marie. Kwast de matses aan 1 zijde in met de gesmolten chocolade. Leg de matses in de ijskast, zodat de chocolade hard kan worden.

Hak de witte chocolade en de overgebleven 200 gram pure chocolade afzonderlijk van elkaar fijn met een scherp koksmes en doe elk in een kom. Breng 250 ml van de slagroom in een pannetje aan de kook. Meng van de gloeiend hete slagroom 100 ml door de gesmolten witte chocolade en 150 ml door de gesmolten pure chocolade. Roer totdat alle chocolade is opgelost. Zet beide bakjes apart om op kamertemperatuur te komen. Van deze bruine ganache houdt je 1 ruime eetlepel apart en van de witte ganache een kleine eetlepel, hier garneren we later de taart mee.

Klop de overige 250 ml slagroom met de poedersuiker stijf en spatel door elke van de twee bakjes ganache een gelijke hoeveelheid (niet door de ganache waarmee we de taart garneren). Zo ontstaat er een luchtige witte mousse en een pure mousse.

Vet de springvorm in met boter. Knip een cirkel uit het bakpapier die precies op de bodem past en leg die in de vorm. Beboter vervolgens het papier. Haal de matses uit de ijskast. Besprenkel 1 matse aan de onbesmeerde kant met cognac en leg met de chocoladekant naar boven in de springvorm. Besmeer met een derde van de bruine mousse en leg daar een tweede matse op. Besmeer deze met de helft van de witte mousse. Ga zo door totdat de vijfde matse is bedekt met een laagje bruine mousse. Leg een stukje vershoudfolie op het oppervlak en laat 2 uur opstijven in de ijskast.

Zet de twee bakjes ‘garneerganache’ in een laagje kokend water om vloeibaar te laten worden. Besmeer de matsetaart met de bruine ganache. Teken een spiraalvormig patroon met de witte ganache. Gebruik hiervoor een lepel of een spuitzak. Trek met een satéprikker lijnen vanuit het midden naar buiten. Bewaar de matsetaart in de koeling tot serveren. Na een nachtje in de ijskast is hij op zijn lekkerst.